Lokken van reeen

Het lokken van reeën (Capreolus capreolus) voor monitoring is een proces dat zorgvuldige planning en uitvoering vereist. Reeën zijn schuwe dieren die zich vaak in dichte vegetatie verbergen en gevoelig zijn voor verstoringen. Door hun gedrag en voorkeuren te begrijpen, kun je reeën effectief lokken voor observatie en onderzoek. Hier is een uitgebreide instructie om reeën te lokken voor monitoring.

1. Voorbereiding

A. Begrip van Reeën en Hun Gedrag

  • Habitat: Reeën geven de voorkeur aan bosrijke gebieden met open plekken, struikgewas, en nabijheid van landbouwgronden. Ze zijn actief in de schemering (crepusculair) en 's nachts, maar kunnen ook overdag gezien worden, vooral in rustigere gebieden.
  • Voeding: Reeën zijn herbivoren en voeden zich met een verscheidenheid aan planten, zoals gras, bladeren, knoppen, zaden, en vruchten. In de winter eten ze ook schors en jonge scheuten.
  • Territorium: Mannetjes (bokken) zijn territoriaal en markeren hun gebieden met geurvlaggen. Vrouwtjes (geiten) zijn minder territoriaal, vooral wanneer ze jongen hebben.

B. Benodigdheden

  • Lokmiddelen:
    • Voedsel: Gebruik aantrekkelijk voedsel zoals appels, maïs, bieten, wortelen, of commercieel reeënvoer. In de winter kunnen zaden, noten en hooi ook effectief zijn.
    • Mineralenblokken: Deze kunnen reeën aantrekken door hen essentiële mineralen te bieden die ze nodig hebben, vooral in de wintermaanden.
    • Geurstoffen: Geurstoffen als anijsolie kunnen perfect werken voor het aantrekken van reewild.
    •  
  • Monitoring Apparatuur:
    • Wildcamera’s: Beweging geactiveerde camera’s om onopvallend reeën te observeren en hun gedrag vast te leggen.
    • Verrekijkers of Spotting Scopes: Voor het observeren van reeën op afstand zonder ze te verstoren.
 

2. Locatiebepaling

A. Identificatie van Geschikte Locaties

  • Zoek naar Sporen: Identificeer gebieden met veel reeënactiviteit, zoals wissels (dierenpaden), plaatsen waar reeën foerageren, en drinkplaatsen. Zoek naar sporen, uitwerpselen, en afgeknaagde vegetatie.
  • Strategische Plaatsing: Kies locaties die relatief rustig zijn, met een goed zicht op open plekken of bosranden waar reeën vaak komen om te grazen. Vermijd gebieden met veel menselijke activiteit om verstoring te minimaliseren.

B. Plaatsing van Monitoring Apparatuur

  • Wildcamera's: Installeer camera’s op plekken waar reeën vaak komen, zoals langs paden, bij voerplekken, en bij drinkplaatsen. Zorg ervoor dat de camera’s op de juiste hoogte staan (ongeveer 1 meter boven de grond) en een breed zichtveld hebben.
  • Voerplaatsen: Plaats voer in de buurt van natuurlijke dekking maar met voldoende open ruimte zodat de reeën zich veilig voelen tijdens het eten. Voorkom te frequente bezoeken aan de voerplek om verstoring te minimaliseren.

3. Gebruik van Lokmiddelen

A. Voorbereiden van Voedsel

  • Vers Voedsel: Gebruik vers voedsel zoals appels, maïs, of bieten. Plaats kleine hoeveelheden verspreid over een gebied om reeën aan te moedigen om langer te blijven en te foerageren.
  • Aanvullen: Ververs het voedsel regelmatig om het aantrekkelijk te houden voor de reeën, vooral in perioden van voedselgebrek, zoals in de winter.

B. Geurstoffen en Minerale Blokken

  • Geurstoffen: Gebruik geurstoffen zoals anijsolie rond de voerplaats of in de buurt van de camera’s om reeën aan te trekken. Breng de geur aan op bomen of struiken in de buurt van de voerplek.
  • Minerale Blokken: Plaats minerale blokken in de buurt van voerplaatsen of langs routes die vaak door reeën worden gebruikt. Deze kunnen reeën aantrekken en helpen hun gezondheid te ondersteunen, vooral in de wintermaanden.

4. Monitoring en Gegevensverzameling

A. Visuele Observatie

  • Tijdstippen: Voer observaties uit tijdens de schemering en de vroege ochtend, wanneer reeën het meest actief zijn. Gebruik een verrekijker of spotting scope om vanaf een afstand te observeren.
  • Gedragsanalyse: Observeer het gedrag van de reeën bij de voerplek. Noteer de leeftijd, het geslacht, en eventuele gedragsinteracties tussen de dieren.

B. Wildcamera’s

  • Camera-Instellingen: Stel de camera’s in op interval- of bewegingsdetectie om automatisch foto’s of video’s te maken wanneer reeën in de buurt komen. Controleer de camera’s regelmatig om de batterijen te vervangen en de geheugenkaarten te verwisselen.
  • Gegevens Analyseren: Analyseer de beelden om informatie te verzamelen over de frequentie van bezoeken, het aantal individuen, en hun conditie. Noteer ook de tijden waarop de reeën actief zijn.

5. Veiligheid en Ethische Overwegingen

A. Gezondheid en Veiligheid

  • Afstand Bewaren: Houd altijd een veilige afstand tot de reeën om stress bij de dieren te voorkomen en jezelf te beschermen. Vermijd direct contact met wilde dieren.
  • Hygiëne: Gebruik handschoenen bij het hanteren van voer en monitoringapparatuur om de overdracht van ziektes te voorkomen.

B. Ethische Monitoring Praktijken

  • Minimale Verstoring: Beperk je aanwezigheid rond de voerplaatsen en camera’s om verstoring van het natuurlijke gedrag van de reeën te voorkomen. Bezoek de plekken op rustige tijden en vermijd sterke geuren of geluiden die de dieren kunnen afschrikken.
  • Voedingsbalans: Zorg ervoor dat het aanbieden van voedsel geen onevenwichtige afhankelijkheid creëert bij de reeën. Het doel is monitoring, niet langdurige voedering, om het natuurlijke gedrag van de dieren zoveel mogelijk intact te houden.

6. Rapportage en Evaluatie

A. Gegevensverzameling

  • Notities en Logs: Houd gedetailleerde notities bij van de waarnemingen, inclusief de locatie, tijd, weersomstandigheden, en het gedrag van de reeën. Deze gegevens kunnen helpen om patronen te identificeren en het succes van de lokstrategie te evalueren.
  • Foto- en Videomateriaal: Bewaar en organiseer het beeldmateriaal van de wildcamera’s voor verdere analyse. Dit materiaal kan waardevolle informatie bieden over de populatie, conditie, en gedrag van de reeën.

B. Evaluatie van Strategieën

  • Effectiviteit Beoordelen: Beoordeel regelmatig de effectiviteit van de lokmiddelen en de plaatsing van de monitoringapparatuur. Pas de strategie aan op basis van de verzamelde gegevens om betere resultaten te behalen.
  • Aanpassing van Technieken: Experimenteer met verschillende soorten voer en geurstoffen om te zien welke het meest effectief zijn in het aantrekken van reeën in jouw specifieke omgeving.

7. Lange Termijn Monitoring en Onderhoud

A. Voortdurende Monitoring

  • Regelmatige Observaties: Voer op gezette tijden observaties uit om veranderingen in de reeënpopulatie en hun gedrag te monitoren. Dit helpt bij het vaststellen van trends en veranderingen in het ecosysteem.
  • Aanpassen van Strategieën: Pas de monitoringstrategie aan naarmate de seizoenen veranderen, en naarmate er nieuwe informatie beschikbaar komt over de reeënbevolking in het gebied.

B. Duurzaam Beheer

  • Educatie en Bewustwording: Deel je bevindingen met andere natuurbeschermers, lokale gemeenschappen, en wildbeheerders om bij te dragen aan duurzaam wildbeheer.
  • Habitatbehoud: Werk samen met lokale autoriteiten en natuurbeschermingsorganisaties om het leefgebied van reeën te beschermen en te verbeteren, bijvoorbeeld door het behoud van bossen en het beheer van landbouwgronden.

Door deze stappen zorgvuldig te volgen, kun je reeën effectief lokken en monitoren. Dit draagt bij aan het begrijpen van hun gedrag, het beheer van hun populatie, en het behoud van hun leefomgeving. Monitoring biedt belangrijke gegevens die essentieel zijn voor het maken van goed geïnformeerde beslissingen in wildbeheer en natuurbescherming.

Advies nodig?

Advies nodig?

Mail ons: info@faunacontrol.nl